11 mei 2018

Alle werkelijke leven is ontmoeting

Geschreven door riekje

Samenvatting proponentsscriptie drs. Jan van Belle

Alle werkelijke leven is ontmoeting

De levensbeschouwing van Martin Buber in relatie gebracht met remonstrants denken in onze tijd

In mijn scriptie wordt het levensbeschouwelijke denken van Martin Buber (1878-1965) in
beschouwing genomen, om vervolgens de vraag te stellen hoe Bubers denken ons als remonstranten
inspiratie kan bieden voor het gesprek over geloof en ongeloof in de huidige Nederlandse
samenleving.
Buber gaat uit van de ontmoeting als grondbeginsel. In deze ontmoeting staat het gesprek, de
dialoog, centraal – ook al kan dit letterlijk genomen een woordloos gesprek zijn. Wezenlijk is een
houding waarin de ander, de wereld, open tegemoet wordt getreden, met liefde en aandacht. De
dialogische grondhouding waarvan Buber spreekt heeft te maken met onze houding ten opzichte van
alles in de wereld. ‘Alle werkelijke leven is ontmoeting’, stelt Buber. Die dialogische grondhouding
maakt het mogelijk dat in alles iets van ‘het heilige’ opgevangen kan worden. Dat geldt niet alleen
voor de relatie van mens tot mens, maar bijvoorbeeld ook voor de relatie met kunst, natuur en met
wat we aantreffen in dagelijkse leefomgeving. ‘Dialogisch leven’ heeft direct te maken met de
kwaliteiten die gevonden kunnen worden in het leven van alledag, maar dat niet alleen. De
dialogische grondhouding maakt ons ook open voor de oproep die God, het mysterie van het
bestaan, aan ons doet, hier en nu, concreet. We kunnen uiteindelijk niets zeggen over de kenmerken
van deze God, dit geheim, maar we hebben weet van de oproep. Het is aan ons om aan deze oproep
gehoor te geven, er vertrouwen in te stellen en er trouw aan te zijn.
De hoofdlijnen van het denken van Buber zullen in remonstrantse kring herkenning oproepen, ook al
zal men het niet altijd zelf op dezelfde manier formuleren of zelf ook zo vinden.
Voor het beantwoorden van de vraag, hoe het denken van Buber ons als remonstranten inspiratie
kan bieden voor het gesprek over geloof en ongeloof in de huidige samenleving, is Anbeeks theologie
van de kwetsbaarheid als uitgangspunt genomen. Deze theologie is gericht op het weer relevant
maken van de theologie voor de hedendaagse Nederlandse context en leent zich daardoor goed voor
de beantwoording van deze vraag.
In Anbeeks theologie neemt de dialoog een belangrijke plaats in. De betekenis die de dialoog in haar
benadering heeft, vertoont duidelijk verwantschap met de betekenis die Buber eraan geeft. Ook voor
Anbeek is het elkaar kunnen ontmoeten en de vrije ruimte die ontstaat als mensen onbevangen open
staan voor elkaar, essentieel. Anbeek spreekt niet in termen als ‘het heilige’, maar ook zij verwacht
dat in die vrije ruimte iets nieuws kan ontstaan. In de dialoog kan voor iemand iets naar voren komen
van wat voor hem of haar van ultiem belang is. De dialoog kan bijdragen aan de bewustwording
daarvan en helpen om na een ingrijpende levenservaring weer een weg te vinden in het leven.
Anbeek betrekt de dialoog specifiek op het omgaan met de kwetsbaarheid waarmee ons leven ons
confronteert. Zij neemt daarbij de concrete, ingrijpende levenservaringen van de mensen die aan het
gesprek deelnemen, als uitgangspunt.
Bubers blikveld is veel breder dan dat van Anbeek. Hij betrekt het dialogische op de kwaliteit van het
hele bestaan van alledag, inclusief het werkzame leven en het werk zelf. In alles kan iets zichtbaar
worden van het heilige. Profaner gezegd: in al ons doen en laten kan een kwaliteit naar voren komen
die uitgaat boven een zuiver instrumenteel handelen. Dit kan bijdragen aan de volheid van ons
bestaan. Bubers benadering heeft door deze insteek ook de oproep in zich om in het hele leven het
dialogische meer naar voren te brengen. Mogelijk kan deze brede benadering ons als remonstranten
inspireren bij de verdere ontwikkeling van een praktische theologie die maatschappelijk relevant wil
zijn.

Gerelateerd